Overstap naar eigenrisicodragen

Werkgevers die besluiten om eigenrisicodrager voor de Ziektewet te worden hebben het voordeel dat zij de uitkeringen van werknemers die al ziek zijn en dus al een Ziektewetuitkering hebben, niet zelf hoeven te gaan betalen. Dit zogenaamde "inlooprisico” wordt gefinancierd uit een premie die alle werkgevers, ongeacht of zij eigenrisicodrager zijn of niet, aan het UWV moeten betalen. Uit die premie betaalt het UWV de Ziektewetuitkeringen van de (ex-) werknemers van de werkgevers die inmiddels eigenrisicodrager zijn geworden (ook wel aangeduid als "staartlasten”).

 

Werkgevers die besluiten eigenrisicodrager voor de WGA te worden moeten echter ook de WGA-uitkeringen van werknemers die al ziek zijn of die al een WGA-uitkering hebben zelf betalen. Verzekeren van dat risico vergt doorgaans betaling van een aanzienlijke koopsom. Voor kleine werkgevers die besluiten eigenrisicodrager voor de WGA te worden geldt daarentegen dat zij de WGA-uitkering van werknemers die al ziek zijn geworden voordat de werkgever eigenrisicodrager werd (het inlooprisico) niet zelf behoeven te betalen. En ook hier geldt weer dat middelgrote werkgevers het inlooprisico gedeeltelijk zelf moeten betalen en dat dit deel groter is naarmate de loonsom van de werkgever dichter bij de grens met de grote werkgever ligt.


Voor welke (ex-) werknemers gelden de gevolgen voor de premiedifferentiatie en het eigenrisicodragen?